Dat het gebruik van AI in de faillissementspraktijk door onder meer schuldeisers steeds populairder wordt, blijkt ook uit onze praktijk. Op zichzelf gezien is daar natuurlijk niets mis mee, het is een snelle en goedkope manier om inzicht te krijgen in de mogelijkheden die je als schuldeiser hebt. De vraag is alleen of AI je altijd op het juiste pad stuurt. Juridisch inhoudelijk is AI namelijk nog niet zover om jou te ondersteunen bij het veiligstellen van jouw rechten in een faillissement.
Een voorbeeld: als je aan diverse AI-programma’s de vraag stelt “Mijn klant is failliet, wat kan ik doen om mijn geld te krijgen?”, ontvang je – vanzelfsprekend – algemene antwoorden en standaardverwijzingen naar het eigendomsvoorbehoud. Dat is niet fout, maar beperkt misschien wel de mogelijkheden die er zijn in jouw situatie.
Google AI eindigt in ieder geval steevast op soortgelijke vragen met een disclaimer: ‘‘Het faillissementsrecht is complex. Voor specifieke situaties is het raadzaam juridisch advies in te winnen’’. Deze disclaimer lijkt het beste advies te zijn voor schuldeisers. Zeker als het om bedragen van enige omvang gaat en er mogelijk rechten kunnen worden ingeroepen.
Als schuldeiser kun je namelijk bepaalde rechten hebben waardoor je je vordering alsnog volledig of gedeeltelijk voldaan kunt krijgen of je schade in het faillissement kunt beperken. De praktijk leert namelijk dat een ‘gewone’ schuldeiser weinig tot niets uitgekeerd krijgt in een faillissement. Bepaalde schuldeisers kunnen afhankelijk van de situatie een beroep doen op het retentierecht, het eigendomsvoorbehoud, het recht van reclame of verrekening. De toepassing van deze rechten vraagt nog steeds om een nauwkeurige beoordeling van de feiten, documentatie en het juridisch kader. Juist daarin schiet AI vaak nog tekort. In deze blog delen we waar het vaak misgaat en waar je winst kunt behalen.
Het eigendomsvoorbehoud is een beding dat je als schuldeiser kunt opnemen in de algemene voorwaarden of in een overeenkomst met de wederpartij. In het beding staat opgenomen dat de eigendom van alle geleverde zaken pas overgaat op jouw klant wanneer alle openstaande vorderingen zijn betaald. Tot die tijd blijf jij eigenaar en kun je de zaken in faillissement in beginsel terugvorderen bij de curator. Waarom ‘in beginsel’? Het is geen vanzelfsprekendheid dat je jouw geleverde zaken terugkrijgt met een eigendomsvoorbehoud.
In de praktijk kom je allerlei obstakels tegen: is het eigendomsvoorbehoud wel op de juiste wijze overeengekomen of van toepassing verklaard? Is het nog wel mogelijk om de geleverde zaken te onderscheiden? Hoewel AI denkt dit te weten, beschikt het niet over de kennis en documentatie om dit tot op de bodem voor jou uit te zoeken. AI wijst jou slechts op de algemene mogelijkheden van het eigendomsvoorbehoud en concludeert al snel dat je een geldig eigendomsvoorbehoud hebt.
Het recht van reclame wordt door AI nog al eens over het hoofd gezien. Dit is een terugvorderingsrecht dat veel lijkt op het eigendomsvoorbehoud. Op basis hiervan kun je namelijk ook verkochte en geleverde goederen terugvorderen bij de curator wanneer niet wordt betaald.
Er zijn echter twee grote verschillen met het eigendomsvoorbehoud:
Ook het retentierecht lijkt volgens AI niet tot de mogelijkheden te behoren. Heb je goederen van de schuldenaar onder je, bijvoorbeeld voor reparatie, vervoer of verhuur, en heb je als schuldeiser ook een vordering op hem, dan kun je het retentierecht inroepen. Je houdt dan de spullen onder je totdat jouw vordering (deels) wordt betaald. Afhankelijk van de waarde van de goederen en de hoogte van de vordering kan dit een uiterst effectief middel zijn. Indien de schuldenaar niet overgaat tot betaling, dan kun je als schuldeiser de goederen verkopen (let op: hier gelden regels voor), waarna je je kunt verhalen op de opbrengst van de goederen.
Ook in faillissement geldt het retentierecht, al kan de curator de goederen wel opeisen. Je hebt in dat geval een preferente vordering (ter hoogte van de opbrengst van de zaken) in het faillissement. De rang van jouw vordering wordt daarmee hoger in het faillissement.
Los van het feit dat AI het retentierecht vaak over het hoofd ziet, kan AI je praktisch niet bijstaan in de daadwerkelijke verkoop (executie) die gepaard kan gaan met het inroepen van het retentierecht.
Wanneer je onderling zaken doet met de schuldenaar, dan bestaat de kans dat er over en weer nog vorderingen openstaan. In dat geval zou je, indien dit contractueel niet is uitgesloten, een beroep kunnen doen op verrekening. Je vermindert de openstaande facturen met de openstaande posten die je nog moet ontvangen van de schuldenaar. Hiermee krijg je alsnog ‘’betaald’’ doordat je de vorderingen die de schuldenaar op jou heeft, niet meer hoeft te betalen door de verrekening. Verrekening is een sterk verweer in faillissement. Je betaalt (een gedeelte van) de openstaande vorderingen van de failliet niet omdat je zelf nog iets te vorderen hebt van de failliet. Zonder de juiste input zal AI geen rekening houden met de mogelijkheden tot verrekening. Daarnaast is de regelgeving rondom verrekening in (het zicht van) faillissement complex.
Belangrijkste aandachtspunten op een rijEigendomsvoorbehoud: is het beding geldig overeengekomen, zijn de algemene voorwaarden van toepassing en zijn de goederen nog te identificeren?
Recht van reclame: zijn de wettelijke termijnen nog niet verstreken en zijn de geleverde zaken nog aanwezig?
Retentierecht: aan welke strikte regels is de curator gebonden bij opeising van de goederen, en aan welke regels ben jij als schuldeiser gebonden bij een eventuele executoriale verkoop?
Verrekening: is verrekening contractueel en juridisch toegestaan?
Documentatie: welke afspraken, voorwaarden, facturen, afleverbonnen en correspondentie zijn bepalend voor jouw positie?
Timing: welke rechten moeten direct worden ingeroepen om verval of verlies daarvan te voorkomen?
AI kan deze vragen globaal signaleren, maar niet beoordelen aan de hand van de door jou geleverde input. Als je als schuldeiser zonder meer vertrouwt op AI, kan het je duur komen te staan. Uitkeringen aan concurrente schuldeisers vinden in de praktijk weinig plaats. Juist daarom is het van belang om tijdig te beoordelen of een beroep mogelijk is op bepaalde rechten. Dat kan het verschil maken tussen met lege handen achterblijven en alsnog betaling ontvangen of goederen terugkrijgen.
Word je geconfronteerd met een faillissement, neem dan contact met ons op om jouw specifieke situatie te bespreken. Juist in de complexe praktijk van het faillissementsrecht is maatwerk belangrijk. Uiteraard geldt in dit soort gevallen ook: voorkomen beter is dan genezen. Zorg ervoor dat je jouw rechtspositie vooraf goed vastlegt om problemen bij een faillissement van een klant te voorkomen. Ons team helpt je hier graag bij.
Deze blog is geschreven door mr. Bart Jaspers en mr. Ivana Grim