Kennis & blogs

Internationaal contracteren: welk recht geldt eigenlijk?

Geschreven door Merith van Lent | 09 juli 2026

Sluit je een overeenkomst met een partij buiten Nederland? Dan krijg je te maken met regels over internationaal contracteren. In de meeste gevallen is op een contract of samenwerking één rechtsstelsel van toepassing. Dat hoeft niet altijd het recht van jouw eigen land te zijn. Benieuwd hoe je bepaalt welk recht op jouw overeenkomst van toepassing is en waar je rekening mee moet houden? Je leest het hieronder.

Waarom het toepasselijk recht verschil maakt

Het recht dat op jouw contract van toepassing is, bepaalt hoe het contract moet worden uitgelegd en uitgevoerd. Ook bepaalt dit recht wanneer bijvoorbeeld sprake is van een tekortkoming, welke gevolgen daaraan verbonden zijn en op welke manier de overeenkomst kan eindigen. Ben je van mening dat je contractspartij de overeenkomst niet nakomt? Dan wordt aan de hand van het toepasselijke recht beoordeeld of daarvan inderdaad sprake is en welke mogelijkheden je vervolgens hebt.

Een rechtskeuze voorkomt discussie

Partijen mogen zelf een rechtsstelsel aanwijzen, oftewel een rechtskeuze maken. Je kiest dan dus samen met je contractspartij welk recht op de samenwerking of op het contract wordt toegepast. Daarbij kun je kiezen voor het recht uit jouw land, het recht uit het land van de contractspartij of een geheel ander rechtsstelsel. Met name de laatste optie is interessant, bijvoorbeeld wanneer een ander rechtsstelsel gunstigere regelgeving biedt. Let wel op dat dwingende regels hier alsnog van invloed op kunnen zijn. Denk op voorhand dus goed na over welk recht je van toepassing wil verklaren en wat dit voor jouw contract of samenwerking betekent. Leg die keuze bovendien duidelijk en schriftelijk vast in de overeenkomst. Zo voorkom je discussie achteraf.

Geen rechtskeuze? Dan gelden de standaardregels

Maken jij en je contractspartij geen uitdrukkelijke rechtskeuze? Dan wordt het toepasselijk recht binnen de EU bepaald aan de hand van de Rome I-Verordening. In dit verdrag zijn de standaardregels opgenomen die bepalen welk recht op jouw overeenkomst van toepassing is.

Het toepasselijk recht wordt onder andere aan de hand van de aard van de overeenkomst bepaald. Op een distributieovereenkomst is bijvoorbeeld het rechtsstelsel van de distributeur van toepassing. Bij een franchiseovereenkomst is dan weer het recht van de franchisenemer leidend. Bij dienstverlening wordt het recht uit het land van de dienstverlener toegepast. Let wel op wanneer je contracteert met een consument: in veel gevallen behoudt een consument bescherming op grond van dwingende regels uit het land waar hij of zij woont. Dat kan dus gevolgen hebben voor de uitleg en uitvoering van de overeenkomst.

De bevoegde rechter: regel het apart

Een keuze voor toepasselijk recht betekent niet automatisch dat ook de rechter uit dit land bevoegd is bij een eventuele procedure. Daarvoor gelden andere regels. Ook hiervoor geldt: maak je geen duidelijke keuze, dan wordt teruggevallen op de verdragsbepalingen. Hierdoor kan de situatie ontstaan dat de Franse rechter Nederlands recht moet toepassen, of andersom. Je doet er daarom verstandig aan om bij het maken van een rechtskeuze ook een bevoegde rechter aan te wijzen. Deze rechter is dan bevoegd als er een geschil ontstaat.

Conclusie

Bij het aangaan van een overeenkomst met een partij buiten Nederland is het maken van afspraken rondom het toepasselijk recht de moeite waard. Zo weten beide partijen vooraf welk rechtsstelsel op de overeenkomst van toepassing is. Maak je een rechtskeuze? Wijs dan ook een bevoegde rechter aan. Zo voorkom je onduidelijkheid en verklein je de kans op discussie als er later een geschil ontstaat.